Eindvragen excursie

1. Waar vind je dat je een positieve bijdrage hebt bijgeleverd aan de excursie?

Ik vind dat ik bij het organiseren van het avondje uit eten een positieve bijdrage heb geleverd. Ik heb toen veel overlegd met zowel het restaurant als met de groep. Ik heb ervoor proberen te zorgen dat voor iedereen wat lekkers op de menukaart stond, zodat iedereen lekker kon eten.

2. Wat was je taak, wat zal je de volgende keer anders doen en wat zal je laten?

Ik moest voor de categorie gebouwen en architectuur kerken voorbereiden. Ik heb twee qua architectuur hele mooie kerken uitgekozen. Helaas werden mijn kerken niet gekozen en hoefde ik dus geen reisleider te zijn. Wel ben ik meegegaan als reisleider voor de Boekentoren, maar die bleek dicht te zijn. Ten slotte heb ik samen met een paar andere mensen uit de groep het restaurant gereserveerd en heb ik een menu samengesteld. Ik moest daarvoor erg veel overleggen met de baas van het restaurant, maar ook met de groep. We mochten zes voor-, hoofd- en nagerechten uitkiezen en ik heb geprobeerd voor iedereen iets lekkers op de kaart te zetten. Ik moest daarbij rekening houden met mensen die vegetarisch eten, mensen die niet van vis of vlees houden en ik moest er rekening mee houden dat het niet al te duur moest zijn. Toen ik eindelijk een goede menukaart samengesteld had, hadden de mensen in het restaurant onze keuze nog anders opgevat dan bedoeld, dus ik moest op de avond zelf ook nog van alles regelen. Gelukkig is het uiteindelijk goed gekomen en hebben de meesten lekker gegeten. Wel zijn er vier biefstukjes teruggestuurd en zijn moesten we betalen voor een visgerecht die we niet besteld hadden, maar ook dat is opgelost.

3. Wie is je in positieve zin opgevallen in de groep en wat heb je van diegene geleerd?

Degene die mij in positieve zin opgevallen is, is Astrid. Het is me erg opgevallen dat zij heel goed in kan schatten wanneer er even wat gebeuren moet, en wanneer je rustig aan kan doen. Ik ben in deze week best veel omgegaan met Astrid en ik heb veel geleerd van haar houding. Ze houdt zich heel vaak rustig en trekt zich vaak terug als het te druk is, maar als er wat moet gebeuren dan kan ze heel goed zeggen hoe het gebeuren moet en dan kan ze ook erg goed voor haar eigen ideeën opkomen. Ik heb gemerkt dat ze heel fijn in omgang is en dat ik nog veel kan leren van haar houding, aangezien ik af en toe te erg naar de voorgrond trek, terwijl het af en toe ook handig is om eerst maar even af te wachten.

4. Tijdens je ook stage organiseer jij die excursie, waar zal jij op letten tijdens die excursie? Waar heb je totaal niet bij nagedacht?

Ik had in eerste instantie helemaal niet nagedacht over het regelen van het verblijf in Gent. Ik ben gewend om te camperen. Je krijgt een tent en je slaapt daar. Je kookt je eten op een kookpitje en je moet een kilometer lopen voor de wc. Ik had er niet bij stilgestaan dat je, als je met een grote groep een week weg gaat, rekening moet houden met bepaalde wensen. Er waren mensen die absoluut niet in een apartement wouden slapen en er waren mensen die absoluut niet met een bepaald persoon op een kamer wouden slapen. Ik heb gemerkt dat het een heel gedoe is als je voor iedereen een goede oplossing moet zoeken.

Ook heb ik erg gemerkt dat er bepaalde groepjes gevormd werden. Als ik denk aan een excursie, dan denk ik aan een groep die de hele dag bij elkaar zijn. Tijdens deze excursie heb ik gemerkt dat het vormen van groepjes iets onvermijdelijks is. Sommige mensen kunnen nu eenmaal minder goed met elkaar opschieten. Als ik een excursie zou voorbereiden, dan zou ik daar rekening mee houden. Ik zou een goede balans proberen te vinden tussen vrije tijd, waarin kinderen even hun eigen ding kunnen doen met de mensen waar ze het meest mee op kunnen schieten, maar ik zou er ook voor zorgen dat er activiteiten zijn waar alle leerlingen samen zijn en samen moeten werken.